25-12-04

Powerman Kasterlee 19/12/2004

Voor de 2° maal had ik me ingeschreven voor de wedstrijd die door de organisator bestempeld wordt als “de zwaarste duathlon ter wereld”. Vorig jaar was een meevaller: een mooie vierde plaats en een nipte overwinning bij de categorie Masters. Dit jaar werd de wedstrijd opgenomen in het internationale Powerman-circuit, wat met zich meebracht dat enkele buitenlanders er wel wat voor voelden om hun kans te wagen in “De Hel van Kasterlee”. De concurrentie voor een mooie ereplaats zou dus weer wat groter worden, daarom had ik me nog wat beter voorbereid dan vorig jaar.

Na een droge periode van een drietal weken was het M.T.B.-parcours er komen bijliggen als een snelweg, maar als bij wonder begon het een drietal dagen voor de wedstrijd te regenen. Alles werd op een paar dagen herschapen in een modderpoel, met plassen waar je niet naast kon. Gelukkig had ik weer ettelijke rondjes getraind zodat ik ook in deze omstandigheden wel het meest voordelige traject zou kunnen volgen. Elke wortel, boomstronk of diepe put wist ik nagenoeg liggen. Een niet te onderschatten voordeel op de deelnemers uit het buitenland die waarschijnlijk tijdens de wedstrijd zelf kennis zouden maken met de omloop.

Ook had ik geleerd uit mijn fouten van verleden jaar. De eerste Run had ik toen eerder traag gelopen, gevolgd door een té lange wissel: samen 1u14’. Op training had ik nu de hartslag gezocht waarbij ik zonder te forceren op 1u03’ zou rond zijn Indien ik daar een snelle wissel aan zou koppelen van een tweetal minuten, had ik al een kleine tien minuten winst. Dit zou me heel wat minder hinder moeten geven bij het fietsen. Vorig jaar ben ik als 75° op de fiets gesprongen en als 5° aan de laatste run gestart. Je kunt je wel voorstellen dat het bijwijlen file was in het bos op de single-tracks. Dit heeft me toen ook heel wat tijd gekost.

Dan was er in 2003 nog het probleem met de modder in mijn ogen waardoor ik met een zeer beperkt gezichtsvermogen de laatste ronde gefietst, en daarna nog dertig kilometer gelopen had. Ik zou nu een bril opzetten. Op training had ik ondervonden dat die na een modderige strook helemaal vuil werd. Een vochtig washandje in de achterzak van mijn fietstrui en hiermee een regelmatige poetsbeurt volstonden om dit euvel weg te werken. Weer een probleem opgelost.

Hoe zat het nu met mijn ambities? Daar ik in de vorige editie nooit in aanmerking kwam voor een podiumplaats (13’21” achter de derde), en nog minder voor de overwinning (achterstand:45’48”); had ik dit keer graag mijn rol gespeeld in het wedstrijdverloop. Mijn vierde plaats was “erg verdienstelijk”, maar niet meer dan een “faits-divers” in het wedstrijdverslag (en terecht trouwens). In mijn omgeving echter waren er optimistischere geluiden te horen. Mensen die wisten hoeveel ik trainde bestempelden mij reeds als “de te kloppen man”. Ik wilde hierin niet meegaan omdat ik altijd al een realist geweest ben. Mijn leeftijd (45!) zou niet in mijn voordeel spelen. Ja, ik fiets nog erg sterk en dat had ik de laatste weken herhaaldelijk ondervonden tijdens mijn trainingen met collega-Kasterlee-deelnemers. 1of 2 ronden kunnen de meeste nog snel rijden, maar 4? Neen, dan haken er velen af, ze storten soms zelfs in mekaar. Mijn loopsnelheid tijdens de laatste dertig kilometer zou me wel eens de das kunnen omdoen. Ik ben ook slechts de laatste drie jaar langere afstanden beginnen lopen en dat is dus mijn grootste tekortkoming. Nog nooit heb ik een marathon gelopen. Wel had ik op training een drietal keer de 2 ronden van 15km. volgemaakt en ik had ondervonden dat mijn tijd van 2u34’ in 2003 een tiental minuten beter kon. Maar of dit zou volstaan? Mijn favorieten voor de overwinning waren Benny Coopmans, Pieter Bracke en de Duitser Marc Pschebizin, maar Benny en Pieter waren beiden in de maand die voorafging aan de wedstrijd ziek geweest. Het was dus af te wachten in welke mate zij hiervan hersteld zouden zijn.

Met een dosis gezonde stress leefde ik dus op mijn manier naar de wedstrijd toe. Tot op zaterdag de editie van de Gazet Van Antwerpen onder mijn neus geschoven werd. Nu ben ik niet de man die zich gauw door “gazettepraat” laat beïnvloeden, maar het was niemand minder dan mijn vriend en dorpsgenoot Bart Van De Water, de winnaar van vorig jaar, die in een voorbeschouwing stelde dat ik een serieus kandidaat was voor de overwinning. Meer zelfs, hij zou zich ten dienste stellen van mij tijdens de eerste Run en offerde zich aldus op om als mijn haas te fungeren. Ik wist dat hij zich niet goed had kunnen voorbereiden, maar hij heeft zoveel klasse en talent dat hij die eerste 15km. wel een hoog tempo kan ontwikkelen. Dit deed mij wel eens serieus slikken. Ik twijfelde niet aan mijn capaciteiten, maar ik moest mijn ambities misschien wel bijschroeven? Gelukkig was ik nog maar 1 nacht verwijderd van de wedstrijd zodat ik niet veel tijd had om daarover te piekeren.








18:43 Gepost door kastelse | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.